Snel uw antwoord vinden
Zonder gedoe
Belastingadvies

Hausse aan oprichting van bv’s verwacht

De afgelopen jaren is de grens waarop een bv fiscaal aantrekkelijker is dan een eenmanszaak flink verschoven. Waar een eenmanszaak lange tijd voor veel ondernemers de logische keuze was, geldt dat bij hogere winsten steeds minder. In de praktijk zien we dat ondernemers met een stevige winst fiscaal gezien vaak beter af zijn in een bv. Wie dat niet overweegt, laat al snel geld liggen.

Dat zorgt ervoor dat ondernemers soms min of meer worden ‘gedwongen’ om de overstap naar een bv te maken. Niet omdat zij dat per se willen, want een bv brengt fors meer verplichtingen en complexiteit met zich mee. Maar de fiscale voordelen van een bv zijn in veel gevallen te groot geworden om te negeren.

 

Eenmanszaak: eenvoudiger, maar fiscaal zwaarder

Een eenmanszaak is overzichtelijk: u doet één aangifte inkomstenbelasting en daarmee is het geregeld. Bij een bv ligt dat anders. Dan krijgt u te maken met loonheffingen, vennootschapsbelasting (vaak zelfs twee aangiftes), en soms ook dividendbelasting. Daarnaast moeten er diverse overeenkomsten worden opgesteld tussen de bv en de directeur-grootaandeelhouder (dga), zoals een arbeidsovereenkomst en rekening-courantafspraken.

In theorie zou de totale belastingdruk voor een dga ongeveer gelijk moeten zijn aan die van een ondernemer in de inkomstenbelasting. Maar dit zogenoemde globale evenwicht is al langere tijd ver te zoeken.

Een voorbeeld maakt dat duidelijk. Bij een winst van € 150.000 en een dga-salaris van € 75.000 levert een bv een fiscaal voordeel op van ruim € 12.000 per jaar ten opzichte van een eenmanszaak. Zelfs als u rekening houdt met extra kosten voor de bv van bijvoorbeeld € 2.000 per jaar, blijft er nog altijd een voordeel van circa € 10.000 over.

In deze berekening is ervan uitgegaan dat de winst in de bv wordt opgepot en pas na twintig jaar wordt uitgekeerd naar privé, waarna belasting in box 2 volgt. Dat onderstreept meteen een belangrijk voordeel van de bv: de belastingheffing in box 2 kan langdurig worden uitgesteld. Door rekening te houden met de contante waarde van geld, komt de effectieve belastingdruk in box 2 zelfs grofweg neer op de helft.

 

Fiscale ontwikkelingen maken de bv aantrekkelijker

Verschillende recente en aangekondigde fiscale wijzigingen hebben de aantrekkelijkheid van de bv de afgelopen jaren verder vergroot ten opzichte van de eenmanszaak:

  • In 2026 bedraagt de zelfstandigenaftrek nog slechts € 1.200.
  • Ondernemersaftrekken zijn niet langer aftrekbaar tegen het toptarief in de inkomstenbelasting, maar maximaal tegen 37,56%.
  • Het opbouwen van een fiscale oudedagsreserve (FOR) is niet meer mogelijk.
  • Winstuitkeringen uit de bv worden in box 2 belast tegen 24,5% tot € 68.843 (of € 137.686 met fiscaal partner).
  • De arbeidskorting is fors verhoogd, maar wordt bij hogere inkomens afgebouwd. Bij een winst van € 150.000 heeft een ondernemer in de inkomstenbelasting hier geen recht meer op. Een dga kan hier wél van profiteren, omdat de arbeidskorting wordt gebaseerd op het loon. Bij een dga-salaris van € 75.000 bedraagt deze korting bijvoorbeeld € 3.770.

 

Extra impuls verwacht vanaf 2028

Ook de nieuwe box 3-wetgeving die vanaf 2028 wordt verwacht, zal naar verwachting zorgen voor een verdere toename van het aantal bv’s. Beleggers in box 3 moeten dan jaarlijks belasting betalen over hun vermogensaanwas. Binnen een bv kan daarentegen worden gekozen voor waardering tegen kostprijs.

Voor vastgoedbeleggers biedt de bv bovendien extra mogelijkheden, zoals het benutten van de herinvesteringsreserve. Deze faciliteit bestaat in box 3 niet. Dit maakt het voor beleggers steeds aantrekkelijker om activiteiten onder te brengen in een bv-structuur.

 

Meer weten?

Heeft u hier vragen over? Of bent u benieuwd wat dit voor uw situatie betekent? Neem vrijblijvend contact met ons op. Wij helpen u graag.

Deel uw uitdaging met ons

Ook interessant